thenewfathers4justicenederland

ouderverstoting

Bijzonder curator, hoe zit dat?

Bijzonder curator, hoe zit dat?

In het kader van de gezagsuitoefening kennen zowel de ouder(s) of voogd(en), als de minderjarige rechten en plichten. De dagelijkse praktijk leert dat deze rechten en plichten met elkaar kunnen botsen. Normaliter is dit in goed overleg op te lossen, maar het kan voorkomen dat de belangen van de gezagsdrager dermate conflicteren met die van de minderjarige, dat de laatste door de gezagsverhouding ernstig benadeeld dreigt te worden. De wetgever heeft hiervoor een oplossing gezocht in de ‘bijzonder curator’.

Het gezag over een minderjarige

De wet bepaalt dat een minderjarige onder gezag staat van één of twee ouders, dan wel één voogd of twee gezamenlijke voogden.
Het ouderlijk gezag en de gezamenlijke voogdij omvatten de plicht en het recht van de ouder(s) of gezamenlijke voogden om de minderjarige te verzorgen en op te voeden. De voogdij behelst de zorg dat de minderjarige overeenkomstig diens vermogen wordt verzorgd en opgevoed. Het verschil zit hem hierin dat op grond van het Burgerlijk Wetboek de persoon die de voogdij alleen uitoefent niet verplicht is uit eigen zak bij te dragen aan de opvoeding en verzorging, en de gezagdragende ouder(s) en gezamenlijke voogden hiertoe wel verplicht zijn.
Zowel de gezagdragende ouder(s), de voogd en de gezamenlijke voogden hebben in het kader van de opvoeding en verzorging de zorg en verantwoordelijkheid voor het geestelijk en lichamelijk welzijn van het kind en het bevorderen van zijn persoonlijkheid. Dit laatste is overigens ook van toepassing op pleegouders.
Dat het subject van de opvoeding ook plichten kent, heeft de wetgever vastgelegd door te bepalen dat de minderjarige rekening dient te houden met de aan de ouder of voogd in het kader van de uitoefening van het gezag toekomende bevoegdheden, alsmede het belang van de overige leden van het gezin waarvan hij deel uitmaakt.
Deze bepaling lijkt een vreemde eend in de bijt, maar diende in eerste instantie als tegenhanger van een andere regel die bepaalde dat de ouder of voogd (gezamenlijke voogdij bestond toen nog niet) bij de uitoefening van het gezag en de pleegouders in hun opvoeding en verzorging in toenemende mate en met in achtneming van de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van het kind rekening diende te houden met diens mening over hem betreffende aangelegenheden en zijn toenemende bekwaamheid en behoefte zelfstandig te handelen en zijn leven naar eigen inzicht in te richten.
Deze laatste bepaling heeft uiteindelijk door amendering wegens angst voor juridificatie het wetboek niet gehaald, wat niet wil zeggen dat het geen rechtsregel betreft: zowel uit het Verdrag inzake de Rechten van het Kind als uit de Nederlandse rechtspraak kan deze regel worden afgeleid.
Een amendement voor schrapping van de eerste bepaling is uiteindelijk ingetrokken.

De bijzondere curator

De bijzonder curator is een persoon die een minderjarige in een bepaalde kwestie betreffende de verzorging en opvoeding of zijn vermogen vertegenwoordigt, als ware hij de wettelijke vertegenwoordiger. Deze persoon kan door de kantonrechter worden benoemd op verzoek van een belanghebbende, maar ook ambtshalve (uit eigen beweging). Wie tot bijzonder curator kan worden benoemd, is niet nader bepaald, maar aan te nemen is dat deze persoon handelingsbekwaam dient te zijn en het vertrouwen van de minderjarige moet genieten. De bijzonder curator hoeft niet per se een advocaat te zijn, maar het kan wel handig zijn, omdat deze zonodig voor de minderjarige kan procederen. Hierbij dient te worden aangetekend dat het verzoek om een bijzonder curator bij de kantonrechter zonder tussenkomst van een advocaat kan worden ingediend.
De kantonrechter zal beoordelen of hij de benoeming van een bijzonder curator in het belang van de minderjarige noodzakelijk acht, waarbij de omstandigheden, waaronder de leeftijd van het kind en de aard van de belangenstrijd een grote rol spelen.
Van de bijzonder curator kan verwacht worden dat hij eerst als bemiddelaar in het probleem tussen de ouder(s) of voogd(en) en de minderjarige zal optreden. Het aanspannen van een rechtzaak dient slechts als uiterste redmiddel te fungeren. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat de bijzonder curator de minderjarige vertegenwoordigt in een conflict met een derde waarin de gezagsdrager(s) niet wilde(n) optreden.
De taak van de bijzonder curator eindigt op het moment dat het conflict in der minne is geschikt of, in het geval een rechtzaak onvermijdelijk is gebleken, door een definitieve uitspraak is beslecht. http://www.mobiel-pleegzorg.nl

Bijzonder Curator

Een bijzondere curator is iemand die door de kantonrechter benoemd wordt om op te komen voor de belangen van een minderjarige als er sprake is van een conflict tussen de belangen van de minderjarige en zijn ouder/voogd. Hij doet dit in plaats van de wettelijke vertegenwoordiger. De bijzondere curator regelt zaken als de verzorging, de opvoeding en het vermogen van de minderjarige.

Aanleiding benoeming bijzondere curator

Een bijzondere curator wordt benoemd als er bijvoorbeeld conflicten zijn over de verblijfplaats van de minderjarige of de verdeling van een nalatenschap, waarbij de minderjarige erfgenaam is. In zaken over afstamming wordt altijd een bijzondere curator benoemd.

Eisen benoeming bijzondere curator

Wie tot bijzondere curator kan worden benoemd, is in de wet niet nader bepaald. In ieder geval moet de minderjarige vertrouwen hebben in de persoon die benoemd wordt. Deze persoon moet handelingsbekwaam zijn (meerderjarig en niet onder curatele staan). In de praktijk is een bijzondere curator meestal een advocaat of notaris.

Oplossen conflict door mediation

Een bijzondere curator zal altijd proberen om het geschil via mediation op te lossen. Dat betekent praten met de ouders onder begeleiding van iemand die onpartijdig is. Lukt dat niet en komt het tot een rechtszaak, dan vertegenwoordigt de bijzondere curator de minderjarige bij de rechter.

Meningsverschil met curator

Als er een meningsverschil is tussen een curator en een curandus (onder curatele gestelde), kan door de kantonrechter ook een bijzondere curator worden benoemd.

Wat zijn de rechten van kinderen bij een scheiding?

Kinderen die 12 jaar of ouder zijn, mogen zelf de rechter vertellen wat zij van bepaalde zaken van de scheiding van hun ouders vinden. Dit heet kinderverhoor of hoorrecht. Kinderen die jonger dan 12 jaar zijn en graag met de rechter willen praten over de scheiding en de gevolgen, kunnen dat de rechter laten weten. Ze kunnen een brief schrijven aan de rechter of telefonisch contact opnemen met de rechtbank. Als de rechter toestemming geeft, ontvangt het kind een uitnodiging voor een gesprek.

Wat wil de rechter weten bij het kinderverhoor of hoorrecht?

Bij het kinderverhoor of hoorrecht informeert de rechter bij het kind naar de volgende zaken rond de scheiding van zijn of haar ouders:

  • waar en bij wie het kind het liefste wil wonen;
  • naar welke school hij of zij gaat;
  • hoe het kind over de omgangsregeling denkt. Dus hoe vaak en hoe lang het kind zelf naar de ouder wil bij wie het niet woont.

Het oordeel van de rechter telt. Dat betekent niet dat alles wat het kind wil, ook wordt opgevolgd. De rechter heeft met het gesprek wel een duidelijker beeld van het kind, waardoor hij beter kan beoordelen wat het beste voor het kind zelf is.

Uitnodiging van de rechtbank

Kinderen ouder dan 12 jaar ontvangen automatisch bericht van de rechtbank als de scheiding door de ouders is aangevraagd. Hierin staat wanneer hij of zij bij de rechtbank wordt verwacht. Het kind mag zelf beslissen of het gaat. Kinderen jonger dan 12 jaar krijgen een uitnodiging als zij hierom bij de rechter hebben gevraagd.

Meer informatie

Speciaal voor kinderen is de brochure ‘Kinderverhoor’ te bestellen. Kinderen die over kinderverhoor of de scheiding van hun ouders willen praten, kunnen contact opnemen met bijvoorbeeld de Kindertelefoon, een Kinder- en jongerenrechtswinkel of een Jongeren Informatie Punt (JIP) (of Advies- en Klachtenbureau (AKJ). http://www.rijksoverheid.nl

Hoorrecht

Sinds 5 juli 1982 is de rechtspositie van minderjarigen enigszins versterkt door de regel dat de rechter in Nederland verblijvende minderjarigen van twaalf jaar en ouder in de gelegenheid moet stellen om te worden gehoord. Minderjarigen onder te twaalf jaar kunnen in de gelegenheid worden gesteld te worden gehoord. De rechter kan dus niet beslissen voordat hij de minderjarige (vanaf 12 jaar) de kans heeft gegeven om hem zijn mening bekend te maken.

Toepassing hoorrecht

Het hoorrecht betreft voornamelijk de status van de minderjarige en het over hem uitgeoefende gezag. Het geldt dus inzake procedures over ouderlijk gezag, voogdij, echtscheiding of scheiding van tafel en bed en de omgangregeling na echtscheiding. Het hoorrecht speelt ook een rol bij de kinderbeschermingsmaatregelen. Zo geldt de hoorverplichting onder mee voor de procedures voor de ondertoezichtstelling, de ontheffing en de ontzetting van het (ouderlijk) gezag.

Uitzonderingen

Voor minderjarigen die in het buitenland verblijven, is de hoorregel op grond van praktische bezwaren niet verplicht. Lichamelijk of geestelijk gehandicapte jongeren kunnen thuis worden gehoord als hun conditie met zich meebrengt dat ze niet naar de rechterkunnen komen. De geest van de wet brengt wel met zich mee dat de rechter indien het maar enigszins mogelijk is, deze minderjarige ook in de gelegenheid stelt zich te laten horen. De rechter kan hierover echter zelf beslissen.

Verder is de rechter niet verplicht, maar wel bevoegd om minderjarigen te horen:

–       als het gaat om de benoeming van een bijzondere curator;

–       ten aanzien van de voorlopige ondertoezichtstelling (wegens het spoedeisende karakter van deze maatregel);

–       Indien het gaat om ontslag van de voogdij (als de voogd zijn taak niet langer kan of wil uitvoeren);

–       Bij de overdracht van voogdij

–       Als het alleen gaat over het bewind van ouders of voogd, uitgezonderd een aantal voor de minderjarige belangrijke materiele of emotionele zaken.

Wat het laatste onderdeel betreft, kan gedacht worden aan enerzijds eenvoudige handelingen omtrent het spaartegoed en anderzijds verderstrekkende transacties, zoals koop en verkoop van onroerend goed, aandelen en andere waardepapieren. Als de verplichting niet geldt en de rechter ook geen gebruikmaakt van zijn bevoegdheid om de minderjarige toch op te roepen,, doet de griffier in ieder geval mededeling aan de minderjarige dat een dergelijke zaak aanhangig is. Hier is dus sprake van een informatieplicht.

Procedure

De rechter bepaalt de wijze waarop en de plaats war de minderjarige hem zijn mening kenbaar kan maken. De rechter bepaalt eveneens hoe de minderjarige ervan in kennis wordt gesteld dat hij zijn mening kenbaar kan maken. Hij hoort de minderjarige buiten aanwezigheid van diens ouders. Behalve de rechter en de minderjarige is ook een griffier aanwezig die aantekeningen maakt van het gesprek tussen de rechter en de minderjarige. De minderjarige zal moeten worden opgeroepen; meestal zal dit schriftelijk gebeuren. Uit de oproep moet blijken dat hij niet verplicht is om aan de oproep gehoor te geven. De minderjarige kan dus zelf uitmaken of hij wel of niet gevolg zal geven aan de oproep. Hij kan ook schriftelijk zijn mening kenbaar maken of laten weten dat hij van zijn hoorrecht geen gebruik zal maken. Als de rechter vermoedt dat de minderjarige niet uit eigen vrije wil handelt, kan hij de zaak aanhouden. Hij kan dan verlangen dat de minderjarige voor hem gebracht zal worden. Hierbij kan de rechter in het uiterste geval gebruik maken van de politie. Dit is natuurlijk niet aan te bevelen, maar het kan wel een stok achter de deur zijn voor ouders of voogden die de minderjarige willen verhinderen gebruik te maken van het hoorrecht. De oproep moet zodanig zijn geformuleerd, dat het voor de jongere begrijpelijk is waar het om gaat. Hoewel dit niet uitdrukkelijk in de wet is opgenomen, heeft de minderjarige de mogelijkheid om een vertrouwenspersoon mee te nemen naar de zitting. De rechter moet beoordelen of dit het horen al dan niet ten goede komt. Immers, een vertrouwenspersoon kan ertoe bijdragen dat de minderjarige zich vrij en veilig voelt om te praten, maar kan hem daarin ook juist belemmeren. Het doel van het hoorrecht is nu eenmaal dat de jongeren zelf aan het woord komt. Hij moet zelf de rechter kunnen vertellen hoe hij hierover denkt. Om deze redenen dienen de omstandigheden waaronder het horen plaatsvindt, optimaal te zijn. Niet de regel maar de deskundigheid van de rechter (kinderrechter, kantonrechter of raadsheer bij het gerechtshof) met betrekking tot het omgaan met jongeren is hier van doorslaggevend belang. De rechter kan bij het nemen van zijn beslissing rekening houden met gegevens die hem bij het horen van de minderjarige op vertrouwelijke basis zijn verstrekt. Deze gegevens kan hij op grond van gewichtige redenen aan partijen en belanghebbende onthouden. Hiermee kan worden voorkomen dat vertrouwelijke versterkte opvattingen van de minderjarige aan een of beide ouders bekend worden. Zeker in een echtscheidingsprocedure zou dit anders schuldgevoelens bij de minderjarige kunnen opwekken of hem in een loyaliteitsconflict brengen Om die reden doet de rechter er ook goed aan de betrokken jongeren voorafgaand aan het horen heel duidelijk te maken dat hij niet op grond van diens inbreng zijn beslissing neemt, maar op grond van eigen, op de wet en zijn ervaring gebaseerde, rechterlijke overwegingen. Jeugd en recht, Van der Linden e.a.

Informatie voor jongeren

Kan ik als ik minderjarig ben zelf naar de rechter stappen?

Als je minderjarig bent, kun je niet zomaar naar de rechter stappen. Een van je ouders of je voogd moet dit namens jou doen. In sommige situaties kun je, afhankelijk van je leeftijd, wel zelf een verzoek indienen bij de rechtbank. Als je jonger dan 12 jaar bent, kun je alleen een informeel verzoek indienen. Ben je 12 jaar of ouder, dan kun je zowel een formeel als een informeel verzoek indienen.

Formeel verzoek indienen

Doe je een formeel verzoek, dan moet de rechter je verzoek behandelen zoals hij dat ook met een verzoek van een volwassene doet. Voor een formeel verzoek moet je altijd 12 jaar of ouder zijn en heb je een advocaat nodig.

Informeel verzoek indienen

Een informeel verzoek mag je ook doen als je jonger bent dan 12 jaar. Je schrijft dan zelf een brief aan de rechtbank met je verzoek. Wil je hierbij hulp, dan kun je dit vragen aan een Kinder- en Jongerenrechtswinkel. De rechter besluit of hij je verzoek in behandeling neemt. Hij is niet verplicht dit te doen.

Jonger dan 12 jaar

Ben je jonger dan 12 jaar, dan kun je in de volgende situaties een informeel verzoek doen aan de rechter:

  • Soms kan je ouder of voogd niet goed voor jouw belangen opkomen. Bijvoorbeeld als hij of zij jou heeft mishandeld en er een rechtszaak komt. In zo’n situatie kun je de rechter vragen iemand te benoemen die voor jouw belangen opkomt. Zo’n persoon heet een bijzondere curator.
  • Je wilt het gezag over jou wijzigen. Bijvoorbeeld wanneer je ouders gaan scheiden, kun jij aan de rechter vragen het gezag over jou aan een van je ouders toe te kennen in plaats van aan allebei.
  • Je wilt een omgangsregeling vaststellen, wijzigen of stopzetten wanneer je ouders gaan scheiden of zijn gescheiden. Het kan ook gaan om een omgangsregeling met iemand anders dan je ouders, zoals je opa of oma.
  • Je wilt een informatie- en consultatieregeling vaststellen, wijzigen of stopzetten. Ga jij na de scheiding van je ouders bij een van je ouders wonen, dan heeft je andere ouder recht op informatie en meebeslissen over jou.

12 jaar of ouder

Ben je 12 jaar of ouder, dan kun je een informeel verzoek doen in alle situaties die hierboven zijn genoemd. Daarnaast kun je in de volgende situaties een formeel verzoek doen:

  • Je staat onder toezicht van een gezinsvoogd en je wilt dat je ondertoezichtstelling opgeheven wordt.
  • Je staat onder toezicht en je wilt protesteren tegen een schriftelijke aanwijzing van de gezinsvoogd.
  • Je bent uit huis geplaatst en je wilt dat de uithuisplaatsing minder lang duurt of helemaal opgeheven wordt.

16 of 17 jaar

Ben je 16 of 17 jaar, dan komen er nog enkele situaties bij waarin je een formeel verzoek aan de rechter kunt doen:

  • Je hebt bijvoorbeeld een eigen bedrijf of een zelfstandig beroep en je wilt bepaalde rechten van meerderjarigen krijgen. Dit heet handlichting. Een van je ouders of je voogd moet hiervoor wel toestemming geven.
  • Je hebt een conflict over een arbeidsovereenkomst.
  • Je hebt een conflict over een medische behandelingsovereenkomst.
  • Je bent een moeder van 16 of 17 jaar en je wilt wettelijk gezag over je kind. Je kunt je dan meerderjarig laten verklaren.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: